Het Ganzenbord heeft een lange geschiedenis. De eerste voorbeelden dateren wellicht uit de zestiende eeuw en zijn afkomstig uit Frankrijk. In de zeventiende eeuw raakte het ganzenbordspel snel verspreid: in België, Nederland, Duitsland en Zwitserland zijn er een aantal ontdekt. De oudst bekende vermelding in de Nederlanden dateert uit 1621 en staat te lezen in een klucht geschreven door de Amsterdamse dichter Jan Janszoon Starter: ‘Ick heb alhier een vermaeckelijk speeltje bereid, dat u veel leerlijck vermaek sal gheven, meer als eenige andere spelen als van de Kaert, 't Dambort, Gansebort en meer andere'. Het oudste ganzenbord gedrukt in Belgie werd gegraveerd rond het midden van de 17de eeuw in Antwerpen door Joannes Christoffel Jegher. Een origineel bleef niet bewaard maar een herdruk uit de jaren 1713-1717 bestaat nog in de collectie van het Antwerpse Volkskundemuseum. De oudste Nederlandse benaming uit 1621 is dus ‘Gansebort'. De bekende humanist Hugo de Groot gebruikte in 1639 al de klassieke benaming ‘Ganzenspel'. In een boedelbeschrijving uit 1674 is dan weer sprake van ‘Gansespullen', in 1682 van een ‘Ganseberd'. Deze naam evolueerde daarna geleidelijk tot het moderne ‘Ganzenbord'. Het is niet geweten waarom de gans is gekozen als de figuur die bijna het hele spel beheerst. Een mogelijke verklaring is dat in de Griekse mythologie, erg populair in de tijd dat het ganzenspel ontstond, de gans optreedt als symbool voor het lot. Ze helpt in dit spel het lot door de gelukkige speler met het dubbele van zijn worp vooruit te zenden of juist in tegendeel door hem naar het vertrekpunt van het spel terug te wijzen. De grondvorm van de meeste ganzenborden is een ovale voorstelling van een opgerolde spiraal of slang. Deze spiraal begint in de rechterbenedenhoek en draait tegen de klok in met twee en drie toeren naar binnen toe. Het laat een ovaal middenveld open, waarin aanvankelijk de spelregels stonden. In de loop van de negentiende eeuw werden de spelregels samengebracht op een kleinere oppervlakte of verplaatst naar de onderkant van het bord. Op de vrijgekomen plaats zwemmen vaak ganzen, eenden of zwanen in een sierlijke vijver. Bloem- en siermotieven vullen meestal de vier hoeken. Een authentiek ganzenbord telt 63 nummers, waarvan 62 zich bevinden in van elkaar gescheiden vakken. Nummer 63 is het einddoel: de speler die dit als eerste bereikt, heeft gewonnen. Ganzen staan afgebeeld op de vakken 5, 9, 14, 18, 23, 27, 32, 36, 41, 45, 50, 54, 59 en 63. Op vak zes staat een brug, op vak 19 een herberg, op vak 26 de eerste geluksworp: de twee dobbelstenen met de ogen 3+6. Op vak 31 bevindt zich een levensbron, een fontein of een waterput, op vak 42 een doolhof. De burcht of gevangenis bevindt zich op vak 52, op 53 is de tweede geluksworp te zien met de ogen 4+5. Op vak 58 staat een skelet of een doodshoofd als symbool voor de dood: het betreden van dit vak doet een speler terugkeren naar het begin, na zo dicht bij het eindcijfer 63 te zijn gekomen.
(gedeeltelijk overgenomen uit: Sam van Cleven, Erfgoedcel Noorderkempen)
In de loop van de eeuwen zijn er, tot op de dag van vandaag, naast deze grondvorm vele variaties en imitaties verschenen. De allerlaatste ontwikkeling vindt men in digitale, op maat gemaakte spelen, waarin persoonlijk foto's of bedrijfsfoto's kunnen worden verwerkt.
Voor een internationaal overzicht van oude ganzenbord spelen zie ook de website van Adrian Seville, Giochidelloca.it. Verder bevat het naslagwerk 'Papertoys - Speelprenten en papieren speelgoed in Nederland (1649-1920)' van P.J. Buijnsters en Leontine Buijnsters-Smets een schat aan detailinformatie over deze categorie spellen en is veelvuldig gebruikt voor de datering van de hier opgenomen exemplaren.
'Prins Maurits telt dubbelt om zyne overwinningen, en ontfangt een van ieder tot bescherming van den Staat: maar hy set een op no. 28 en een op no. 29 om dat hij Barnevelt heeft doen onthoofden, en de Groot in de gevangenis zetten'
'Het Jubeljaar van de Utrechtsche Vreede trekt de Pot, om dat deeze Vreede, hoewel in zig zelfs nadeelig, door deszelfs langduurigheid zeer voordeelig is geworden voor den Staat'
Verklaringe van het spel, verbeeldende door gedenk-penningen de geheele historie der Vereenigde Nederlanden. En in het korte al het geen aanmerkelyk in dezelve is voorgevallen, sedert de overgifte door keyzer Karel de V van deeze landen Ao 1555 aan zyn zoon Philippus de II tot op de Vreede van Utrecht 1713. 's-Gravenhage 1751.
'Prins Maurits telt dubbelt om zyne overwinningen, en ontfangt een van ieder tot bescherming van den Staat: maar hy set een op no. 28 en een op no. 29 om dat hij Barnevelt heeft doen onthoofden, en de Groot in de gevangenis zetten.'
Sitemap | Disclaimer & Copyright | Over deze website | Contact